Ensemble Odyssee 25 november 2018 15.00 uur

Written by Gosse Jongstra on . Posted in concert

Amsterdam, jan. 2018 Ensemble Odyssee  Foto: Merlijn Doomernik
Alle rechten voorbehouden / All rights reserved

Duitse barokconcerten en -suites met orkest. Het ensemble is speciaal voor deze voorstelling uitgebreid tot acht muzikanten. Twee blokfluiten, hobo, twee violen, altviool, cello, klavecimbel en violine  brengen u bekende werken (4e Brandenburger concert) en minder gespeelde stukken van J.S. Bach. Daarnaast spelen zij werk van tijdgenoten G. TH. Teleman, Ch. Graupner en J.F. Fasch. De vier kernspelers van Odyssee treden op in de grote concertzalen van Europa. U kunt een onverwachte en verfrissende middag beleven met de grandeur van de Duitse 18e eeuws concertmuziek.

Ensemble Odyssee
www.ensembleodyssee.com
Anna Stegmann, blokfluit solo
Georg Fritz, blokfluit en hobo solo
Eva Saladin, viool solo
Andrea Friggi, klavecimbel solo
Ivan Iliev, Nadine Henrichs, viool
David Alonso Molina, altviool
Agnieszka Osza?ca, cello
Carina Cosgrave, violone
Het programma In Freundschaft is een

muzikale ontmoeting van Graupner, Fasch, Telemann en Bach

U krijgt te horen:

Georg Philipp Telemann Suite in e, TWV 55:e2 (niet gedateerd)     14:00’ (1681-1767)  voor blazers, strijkers en basso continuo

    Ouverture, Rondeaux, Bourrée, Menuet I alternativement Menuet II, Gigue
Johann Friedrich Fasch Concerto in d, FaWV L:d2 (1735-45)    13:00’
(1688-1785)   voor hobo, strijkers en basso continuo
Allegro, Andante, Allegro
Johann Sebastian Bach  Concerto in d, BWV1052R (ca. 1730)    20:00’
(1685-1750)   reconstructie naar klavecimbelconcert BWV1052 voor viool, strijkers en      basso continuo
[Allegro|, Adagio, Allegro

Pauze

Christoph Graupner   Ouverture in F, GWV 447 (ca. 1741)    28:00’
(1683-1760)    voor blokfluit, strijkers en basso continuo
[Ouverture]-Allegro, La Speranza: Tempo giusto, Air en Gavotte,       Menuet, Air, Plaisanterie
Johann Sebastian Bach  Concerto in F BWV 1057 (ca. 1719-1721)    18:00’     alternatieve versie van het 4e brandenburger concert van Bach voor      klavecimbel, twee blokfluiten, strijkers en basso continuo        [Allegro], Andante, Allegro assai
Programmatoelichting
De vier componisten Georg Philipp Telemann, Johann Friedrich Fasch, Christoph Graupner en Johann Sebastian Bach zijn met elkaar verbonden door een gebeurtenis in het jaar 1722: de dood van Johann Kuhnau, Thomaskantor in Leipzig. Het bestuur van de Thomaskirche was dringend op zoek naar een opvolger, en bovengenoemde vooraanstaande componisten kwamen voor de post in aanmerking. Zoals bekend heeft Bach de “strijd” uiteindelijk gewonnen, hoewel hij eigenlijk de laatste keus was: nadat Telemann als eerste werd uitgekozen en het eervolle aanbod vervolgens afsloeg, trokken ook Fasch en Graupner zich terug, en lieten Bach vrije baan.
De rivaliteit tussen de vier heren weerspiegelt zich in de bezetting van de voor dit programma uitgekozen werken: het zijn overwegend concerten waarin één instrument een solistische rol speelt. Natuurlijk kan zo’n samenspel tussen “concurrerende” collega’s alleen maar op vriendschappelijke basis plaatsvinden, daarom is de titel “In Freundschaft”.
Een programma te creëren met als uitgangspunt vier Duitse componisten en vier verschillende solo-instrumenten, lijkt een beperking en suggereert een eentonig concert, maar niets is minder waar: het concept biedt juist verrassend veel mogelijkheden in bezetting, karakter en stijl. Zo bestaan er veel meer orkestrale stukken met concerterende instrumenten dan alleen “klassieke” soloconcerten met solopassages en tutti-tussenspelen, bijvoorbeeld de hoboconcerten van Fasch.
Het was in die tijd zeer gebruikelijk om suites voor strijkers en basso continuo uit te breiden met één of meer blazers, die deels met het orkest meespeelden, en deels een solopartij vertolkten. Zo vervagen de grenzen van tutti- en solospel. Een ander voorbeeld van een orkestraal werk met solistische instrumenten is het klavecimbelconcert BWV 1057 van Bach, ook bekend als de tweede versie van het vierde Brandenburgse met in plaats van de viool het klavecimbel in de hoofdrol. Naast de solist treden hier twee blokfluiten op als extra spelers in het orkest.
Welk instrument precies als soloinstrument werd aangewezen is bij Bach niet altijd duidelijk, omdat van vele van zijn concerti zowel een viool- als een klavecimbelversie bestaan. Naast het zojuist genoemde werk is ook het concert in d-klein BWV 1052, berucht onder klavecinisten, hiervan een voorbeeld: het is overgeleverd in de versie voor klavecimbel, maar ligt voor de viool zo idiomatisch, dat er een tweede versie moet hebben bestaan. We hebben ervoor gekozen om in dit programma van beide -zeer bekende- stukken de minder bekende versie ten gehore te brengen: het vierde Brandenburgse voor klavecimbel, en BWV 1052 in een reconstructie voor viool.
Het Duitse repertoire biedt niet alleen rijke bezettingsmogelijkheden, maar ook de gelegenheid om in één concertprogramma verschillende contrasterende stijlen met elkaar te combineren, wat normaalgesproken niet gebruikelijk is. Kenmerkend voor de Duitse stijl in de eerste helft van de achttiende eeuw is namelijk zijn diversiteit: hij bevat invloeden uit zowel Frankrijk als Italië. De meest Franse bijdrage aan dit programma is de suite van Telemann, waarin geheel in stijl de eerste stem de hoofdrol speelt, die naar traditie met zo veel instrumenten als mogelijk gespeeld dient te worden. Hier hebben we de mogelijkheid gezien om alle strijkers en blazers in een orkestraal tutti-stuk te combineren, waarna zich in de rest van het programma telkens één instrument in meer of mindere mate emancipeert.
Eva Saladin

Tip: geef ‘n Nicolaasje cadeau

de_nicolaas-concerten_kleinZoekt u een origineel cadeau? Geef een kaartje voor één van de mooie Nicolaasconcerten cadeau. Een Nicolaasje kost € 15,-. Vraag ernaar bij de DNC bestuursleden of stuur een email aan info@denicolaasconcerten.nl